Achterneef Jasper Van Steenbergen en nicht Veronica Joris doken in het verhaal van Frank Craeybeckx
Achterneef Jasper Van Steenbergen en nicht Veronica Joris doken in het verhaal van Frank Craeybeckx Publinta Media

Struikelstenen of verbindende herinneringen? Bekijk ze in de Ridder Van Ranstlei

In de kijker

MORTSEL - In de Ridder Van Ranstlei liggen sinds kort zes kleine, glanzende messing stenen tussen de gekende straatstenen. Ze vallen nauwelijks op, en toch dragen ze een zware lading. Iedere struikelsteen markeert de vroegere woonplek van een oorlogsslachtoffer. Een stil, krachtig eerbetoon aan wie hier ooit leefde.

De stenen herdenken zes Mortselaars die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter werden opgepakt. Niemand van hen zou ooit nog terugkeren naar hun huis in de Ridder Van Ranstlei. Het gaat om een herinnering aan een jonge verzetsstrijder, een Nederlandse spion en een Joodse familie die gedeporteerd werden.

De plaatsing van de eerste struikelstenen in de regio is een initiatief van Streekvereniging Zuidrand. De zoektocht naar verhalen bracht de vereniging bij 45 oorlogsslachtoffers uit de Antwerpse Zuidrand. Zes van hen woonden ooit in de Ridder Van Ranstlei. Zij kregen als eersten een eigen steen. Later komen er nog struikelstenen in onder andere Edegem en Aartselaar.

Frank Craeybeckx

Aan huisnummer 73 ligt de steen van Frank Craeybeckx, neef van de voormalige Antwerpse burgemeester Lode Craeybeckx. Frank was amper 18 toen hij door de Duitse politie werd opgepakt. Zijn nicht Veronica Joris en achterneef Jasper Van Steenbergen gingen de voorbije tijd op zoek naar zijn levensverhaal.

“Op zijn zestiende richtte hij samen met zijn neef Jan een verzetscel op in het Atheneum van Berchem. Hij verspreidde clandestiene pamfletten, hielp onderduikers aan valse papieren en wierf medestanders”, vertellen ze.

Op 2 augustus 1942 werd hij gearresteerd. Zijn ouders wisten niets van zijn verzetsactiviteiten. Uit dagboeken blijkt dat ze jaren bleven hopen op zijn terugkeer. 

Maar Frank overleed al in februari 1943 in concentratiekamp Mauthausen.

De familie Van Houtven-Menist

Wat verderop, aan huisnummer 49, liggen vier stenen voor de Joodse familie Van Houtven-Menist. Eliasar, Helena en hun kinderen Herman en Lea woonden sinds 1919 in Mortsel. Maar door de opkomst van het nazisme verdween hun veiligheid.

In augustus 1942 werden Eliasar, Helena en Lea vanuit de Dossinkazerne gedeporteerd naar Auschwitz. Herman werd als dwangarbeider naar Noord-Frankrijk gestuurd. Ook hij belandde in Auschwitz. Pas jaren later, in 1950, werden ze officieel als overleden geregistreerd. 

Karel Derkzen Van Angeren

In huisnummer 83 woonde Karel Henri Derkzen Van Angeren met vrouw en kind. De Nederlander vocht aan het begin van de Tweede Wereldoorlog bij de verdediging van Zeeland. Later nam hij het spionagenetwerk van een familielid over.

Hij werd in april 1942 gearresteerd en in 1943 in Berlijn ter dood veroordeeld voor spionage. Op 25 november 1943 werd hij geëxecuteerd in Keulen.

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding